Direct naar navigatie

Wapens op de Markt

Door: Vlaardings Archeologisch Kantoor, Periode: 1900 - 1949, Thema's: Oorlog

Op 5 september 2013 ontving de stadsarcheoloog een telefoontje van Mevrouw Bos, eigenares van lampenwinkel L'Interieur De Bon Goût op de Markt 1 in Vlaardingen. Ze vertelde dat ze al ongeveer 25 jaar een mes en een dolk in haar bezit had. De vondsten waren gevonden net onder de vloer in de keuken, bij graafwerken voor een fundering van een erker aan de achterkant van de winkel. Mevrouw Bos heeft de vondsten al die jaren in een kastje bewaard en eigenlijk waren ze een beetje in de vergetelheid geraakt.

Een dergelijke vondst in het oude stadscentrum intrigeerde de archeologen van de gemeente Vlaardingen. Zou het gaan om middeleeuwse wapens? Misschien waren ze ooit wel in grafelijk bezit. Alleen de diepte waarop de voorwerpen waren aangetroffen, deed op dat moment anders vermoeden.

Een bezoekje aan mevrouw Bos wees al snel uit, dat de wapens veel recenter waren. Maar daarom waren ze niet minder interessant. Het ene voorwerp was duidelijk een dolk, het andere bleek…een bajonet! Ondanks hun verblijf in de grond, zagen de twee steekwapens er nog redelijk goed uit. De goed bewaarde lederen schedes maakten de vondst extra bijzonder. Voor zover de archeologen weten, is dit de eerste keer dat dit soort steekwapens gevonden is in Vlaardingen.

De bajonet

De vondsten werden meegenomen naar het depot voor verder onderzoek. Al snel bleek dat er tientallen websites bestonden, boordevol informatie over wapens uit het begin van de 20ste eeuw. Na wat zoekwerk bleek de Vlaardingse bajonet te horen bij een "Mannlicher" karabijn. Dit type wapen, ook wel M95 genoemd, was vanaf 1895 tot aan de Tweede Wereldoorlog het standaardwapen van de Koninklijke Landmacht, de Koninklijke Marine en het Koninklijk Nederlands-Indië leger. Er zijn honderdduizenden M95’s en bajonetten gemaakt. 

In eerste instantie werden de M95 bajonetten besteld bij drie buitenlandse leveranciers, maar vanaf 1904 gebeurde de fabricage door het ‘Staatsbedrijf der Artillerie Inrichtingen’. Vanaf dan kregen de bajonetten het merk ‘Hembrug’, net zoals het Vlaardingse wapen. De Nederlandse strijdmacht kende verschillende karabijnmodellen. Het mes-vormige lemmet met dubbelzijdig snijvlak van de Vlaardingse bajonet werd gebruikt in combinatie met de karabijn no.1 nieuw model, die vanaf 1918 werd ingevoerd.

Behandelen

Het onderzoek van de twee steekwapens toonde ook aan dat het ijzer plaatselijk behoorlijk was aangevreten door roestvorming. Ook de houten heftplaten waren kromgetrokken. Het archeologisch depot schakelde daarom BR-restauratie uit Batenburg in om de voorwerpen minutieus schoon te maken en te behandelen. 

Het resultaat mocht er wezen. Hoewel de behandeling niet alle schade ongedaan kon maken, zagen de steekwapens er veel beter uit. Het was tijd om een specialist in Vlaardingen te raadplegen: Jan Anderson. Jan bevestigde dat de bajonet afkomstig was van een Hembrugkarabijn. Hij wist tevens dat de dolk een zogenaamde ‘Stormdolk’ was. Het Streekmuseum Jan Anderson heeft gelijkaardige voorwerpen in de collectie, maar dat zijn geen Vlaardingse bodemvondsten.
Een nieuwe zoektocht op verschillende websites leerde dat de Vlaardingse stormdolk behoorde tot de meest voorkomende variant. Het typerende koperen plaatje dat bij het marine-model op de achterkant van de lederen schede staat, ontbreekt. Alle Nederlandse stormdolken zijn gemaakt tussen 1917 en 1918. Zowel soldaten als officieren droegen de stormdolk.

Verborgen?

Eén vraag blijft nog onbeantwoord: hoe zijn de bajonet en de stormdolk onder de keukenvloer van Markt 1 terecht gekomen? Het lijkt erop dat de wapens opzettelijk verborgen zijn en daarna in de vergetelheid zijn geraakt. Maar wanneer is dat gebeurd?

Op 10 mei 1940 vielen de Duitsers Nederland binnen. Bij de capitulatie op 15 mei moesten alle wapens, uitrusting, paarden enz. ingeleverd worden bij het Duitse leger. Alleen de officieren mochten hun stootdolk houden. Dat duurde echter niet lang. Toen de Nederlandse krijgsmacht korte tijd later volledig ontbonden werd, moesten ook de dolken ingeleverd worden. Veel dolken werden echter achtergehouden en belanden nooit in de Duitse krijgsbuit. Mogelijk gebeurde dit ook met deze twee wapens. 

Bronnen

Streekmuseum Jan Anderson

Reacties