Direct naar navigatie

Pingsdorf aardewerk

Door: admin

Dit type aardewerk werd in het Duitse Rijnland vervaardigd tussen de 10e eeuw en het begin van de 13e eeuw.

Paarse lijnversiering op Pingsdorfpotje. Foto: J. van den Berg

Pingsdorf aardewerk is gemaakt van gebakken klei. Voor het bakken mengden de pottenbakkers zand door de klei. Dit noemen we magering. Het Pingsdorf-baksel bestaat dan ook voor 12 tot 20% uit fijn zand. De zandkorrels zijn tussen 0,3 en 0,5 mm groot.

Pingsdorf aardewerk werd gebakken bij temperaturen van 900 tot 1000 graden. Het aardewerk komt in verschillende kleuren voor. De zachtgebakken producten zijn geelwit. De hardgebakken producten zijn donkerpaars.

De versiering van dit aardewerk is heel kenmerkend en bestaat uit rode tot paars gekleurde verfstrepen in verschillende patronen. Een veelvoorkomende vorm is de kruikamfoor of tuitpot. Dat is een grote voorraadpot met brede schouders, een breed plat oor en een schenktuitje. Andere vormen zijn kogelpotten (potten zo rond als een kogel), bekers en schalen.

Pingsdorf of Zuid-Limburg?

Het Duitse plaatsje Pingsdorf mag dan een van de bekendste productieplaatsen zijn van dit aardewerk, het was niet de enige. Op een bepaald moment maakten pottenbakkers in Brunssum en Schinveld (Zuid-Limburg) producten die sterk op het Pingsdorf aardewerk leken. Veel aardewerk heeft in het verleden echter gewoon de stempel 'Pingsdorf' gekregen, ook al kwam het uit Zuid-Limburg. Het aardwerk van die Zuid-Limburgse centra is pas in de jaren '60 van de vorige eeuw voor het eerst goed bestudeerd. 

Voor zover we nu weten, is dit Pingsdorf-achtige aardewerk in Zuid-Limburg geproduceerd tussen de 11e eeuw en de 14e eeuw. In de 12e eeuw kwam dit aardewerk veel voor en werd over grote afstanden verhandeld. In de typologie van Zuid-Limburg is dit periode I. 

In deze periode zien we twee baksels: een baksel dat fijner is gemagerd en een baksel met grovere magering. Het grove baksel komt meer voor dan het fijne baksel. Aardewerkspecialisten zien dat het Zuid-Limburgse aardewerk zich regelmatig van het Pingsdorf-aardewerk laat onderscheiden door een wat grovere magering. Maar dit geldt niet altijd.

Bronnen

- Stoepker, H., 2011: Het begin van de aardewerkproductie in Brunssum en Schinveld in het licht van de regionale nederzettingsgeschiedenis, Archeocoach Studies 4, p. 23 en 32. 

- Verhoeven, A.A.A., 1998: Middeleeuws gebruiksaardewerk in Nederland (8ste-13de eeuw), p. 73.

- Verhoeven, A.A.A., 2003/2004: Middeleeuws aardewerk en vroeg-modern glas. Syllabus bij het practicum ‘Kennis van de middeleeuwse materiële cultuur voor studenten middeleeuwse archeologie’, p. 30-31.

Reacties