Direct naar navigatie

Middeleeuwse zwaarden

Door: Vlaardings Archeologisch Kantoor, Periode: 500 - 1499

Een zwaard is een wapen voor de strijd op korte afstand. Het hanteren van dit wapen vergt kracht en vaardigheid. De middeleeuwse zwaarden in Europa zijn ontstaan uit zogenaamde Keltische zwaarden, die hun oorsprong vinden in de rechte, tweesnijdende zwaarden uit de bronstijd.

De verschillende delen van een zwaard.

Zwaardtermen

Een zwaard is opgebouwd uit een kling en een gevest. De kling bestaat uit een angel waar het gevest op wordt bevestigd en het gedeelte met (twee) scherpe sneden en de punt. Bij middeleeuwse zwaarden is er aan beide zijden en over de gehele lengte van de kling vaak een geul aanwezig. Deze geul staat bekend als ‘bloedgeul’, maar diende om de kling lichter te maken en te versterken. Bij een slag op de snede kunnen de optredende krachten in het metaal via het gewelfde vlak van de geul afvloeien.

Het gevest bestaat uit een pareerstang, een greep en een knop. De pareerstang beschermt de hand tijdens het gevecht tegen afketsende slagen. De greep dient voor een beter houvast en is vervaardigd uit hout, hoorn en/ of leer. Dit materiaal wordt over de angel geschoven. De knop of pommel houdt het geheel op zijn plaats.

Verschillende vormen

In de vroege middeleeuwen zijn de klingen meestal net iets minder dan 90 cm lang. De greep van deze zwaarden is kort en biedt slechts genoeg ruimte voor één hand. De andere hand moet immers het schild vasthouden. Praktisch alle vroegmiddeleeuwse zwaarden zijn gemaakt om te hakken, houwen of slaan. Dit geldt overigens ook voor veel zwaarden uit de volle middeleeuwen. De wapens hebben verbazingwekkend smalle klingen, zeker naar de punt toe die meestal afgerond is. Tegen het einde van de middeleeuwen worden de zwaarden gezetter en de punten spitser en scherper. Dit is een ideaal wapen om mee te steken. Dat is ook nodig omdat slagwapens minder effectief zijn geworden door de betere harnassen van de krijgslieden. Door deze verbetering is een schild overbodig geworden en zwaarden met een langere greep voor beide handen worden steeds populairder.

Hoewel het zwaard in de middeleeuwen een hele evolutie doormaakt, is het moeilijk om een exemplaar nauwkeurig te dateren. De vorm van het wapen wijzigt immers slechts langzaam. Het gevest maakt een duidelijkere evolutie door en zwaarden worden daarom vaak gedateerd naar de vorm van hun gevest. Voor een zo nauwkeurig mogelijke datering moet natuurlijk gekeken worden naar alle delen van het zwaard. Specialist Ewart Oakeshott (1916-2002) stelde een typologie op van middeleeuwse zwaarden. Meer informatie over de verschillende typen zwaarden vindt u hier.

Bronnen

Sloot, R.B.F. van der, 1964: Middeleeuws wapentuig, Fibulareeks 1, C.A.J. van Dishoeck, Bussum.

http://www.oakeshott.org/Typo.html (november 2011)

http://www.vikingsword.com/ (november 2011)

Reacties