Direct naar navigatie

Molen Aeolus

Door: Stadsarchief Vlaardingen, Periode: 1500 - heden, Thema's: Handel en industrie

Al meer dan zes eeuwen lang staat er een molen aan de Kortedijk in Vlaardingen. Op de grens van de wijken Vlaardinger-Ambacht en Centrum is de hoge molen met zijn imposante wieken bepalend voor het stadsbeeld. De laatste decennia is hij volop in bedrijf als korenmolen. Een stukje geschiedenis....

Al in de vijftiende eeuw stond op de plaats van de huidige korenmolen aan de Kortedijk een houten (standerd)molen. Deze was in handen van particulieren die het maalrecht van de stad pachtten. In 1585 kocht de stad Vlaardingen de molen en verhuurde hem daarna aan verschillende molenaars. De molenaar kreeg zijn inkomsten uit het maalgeld, dat iedereen die koren liet malen, moest betalen. De molenaar zelf moest belasting betalen voor het 'windrecht', dat eigendom was van het stadsbestuur.

 

Molen Aeolus in 1632, te zien op een uitsnede van een kaart van Berckenrode

Ruim honderd jaar later, in 1688, kwam er een grotere molen met een stenen onderbouw en een houten, met riet beklede bovenbouw (een zogenaamde bovenkruier). Weer zo’n honderd jaar later, in 1790, werd deze wegens bouwvalligheid vervangen door een nieuwe en nog grotere molen met een geheel stenen romp. De kosten van de bouw bedroegen 20.000 gulden. 

 

De molen staat in brand

Op 8 september 1797 brak na een blikseminslag brand uit in de molen. Hierdoor werd op de bovenste verdiepingen vrijwel alles vernield en stortten de kap, wieken en omloop (balie) brandend naar beneden. Door ingrijpen van de Vlaardingse brandweer met drie brandspuiten en de Schiedamse met één spuit kon de brand worden bedwongen. Men taxeerde de schade van de brand op 7.550 gulden, voor die tijd een enorm bedrag. Helaas had het stadsbestuur de molen te laag verzekerd, waardoor maar een deel van de werkelijke waarde werd uitgekeerd. Nog hetzelfde jaar begonnen de herstelwerkzaamheden en korte tijd later kon de molen weer malen. 

 

Van windkracht naar gasaandrijving

Tot 1878 werd de molen jaarlijks aan een molenaar verhuurd. Toen zich in dat jaar echter moeilijkheden met de openbare verhuring voordeden, werd de molen bij veiling en afslag verkocht. De nieuwe eigenaar betaalde er 11.100 gulden voor.

In december 1901 sloeg tijdens een hevig onweer nogmaals de bliksem in. Gelukkig ontstond er nu geen brand. Wel raakten drie personen licht gewond en was de schade aanzienlijk. 

In 1914 gebeurde er iets dat het aanzien van de molen voor lange tijd zou bepalen. Op 31 januari van dat jaar zakte één van de stalen wieken een eind door de as. De schade, die men eerst nog probeerde te beperken, werd nog groter toen de wiek naar beneden viel en in zijn val ook de balie voor een groot deel meenam. De eigenaar, Simon Terlaak, besloot toen de schade niet te laten herstellen. In plaats daarvan liet hij wieken, kap, balie en alle oude machines opruimen en schafte hij voor zijn maalderij een gasmotor van 30 pk aan. Hiermee kwam voorlopig een einde aan het tijdperk van malen met behulp van windkracht.  

 

Peperbus

 

 Molen Aeolus als peperbus

Ruim veertig jaar stond de molen daar aan de Kortedijk, ontdaan van wieken, kap en balie, als een gigantische ‘peperbus’, bijna van onder tot boven volgeplakt en beschilderd met reclame. Naast maalinrichting fungeerde de molen(stomp) ook als uitkijktoren (kosten: 10 cent) en in de Tweede Wereldoorlog als luchtafweerpost van de Duitsers, die met zoeklicht en afweergeschut op het platte dak zaten.

 

In 1954 kocht het gemeentebestuur de molen met pakhuis en erf terug voor 16.000 gulden, met het doel deze te restaureren. Dankzij subsidie van het Rijk en de Provincie en met steun van de vereniging ‘De Hollandse Molen’ is men hierin geslaagd. Molenbouwer H. van der Loo uit Kethel voerde de restauratie uit.

Op 30 april 1957 werd de molen in werking gesteld. Hij kreeg toen officieel de naam ‘Aeolus’ (God van de wind), een naam die de molenaars aan het eind van de 19e eeuw al gebruikten. De beschilderde baard van de kap draagt, naast de nieuwe naam en het gemeentewapen, de jaartallen van bouw en restauratie: 1790 en 1956.

 

Molen Aeolus

Pas in 1976 werden de doorgeroeste binnen- en buitenroede vervangen. Met ingang van 1 april 1977 werd de Aeolus – onder leiding van molenaar N. Boekestijn – weer een op wind werkende molen. Ter gelegenheid van de herdenking van het tweehonderdjarig bestaan werd op 24 maart 1990 een replica onthuld van één van de verloren stichtingsstenen, met daarop de namen van de burgemeesters anno 1790. 

 

Ingrijpende restauratie

In 2005 is de molen aan de binnen- en buitenzijde gerestaureerd door molenmaker Herrewijnen uit Spijkenisse. De renovatie kostte 350.000 euro en werd mogelijk gemaakt dankzij subsidies van het Rijk, de Provincie, de Gemeente en het Fonds Schiedam Vlaardingen e.o. Op 10 september 2005 is de gerestaureerde molen officieel geopend door de in Vlaardingen woonachtige minister van Ontwikkelingssamenwerking A. van Ardenne-van der Hoeven. Momenteel is Peter van der Windt als molenaar werkzaam op de Aeolus.

Reacties