Direct naar navigatie

Brand in de Koningin Wilhelminahaven

Door: Stadsarchief Vlaardingen, Periode: 1950 - heden, Thema's: Verkeer en vervoer, Dagelijks leven

9 februari 1951 was een rampzalige dag voor de Vlaardingse brandweer. Bij een brand in de Koningin Wilhelminahaven kwamen die dag vijf vrijwillige brandweerlieden om in de vuurzee....

Brandalarm

Om ongeveer 11 uur op de ochtend van de 9e februari 1951, ging in de splinternieuwe, op 27 januari in gebruikgenomen brandweerkazerne aan de Hoflaan, het brandalarm af. Er woedde een brand in de Koningin Wilhelminahaven. Onmiddellijk rukte de dienstdoende brandweerploeg uit naar de plek des onheils. Ter hoogte van de plaats waar de dokken van Figee lagen, stond de haven over de volle lengte in brand. Een dok, een sleepboot en een aantal meerpalen hadden vlam gevat als gevolg van een lasvlam, die een hoeveelheid in de haven drijvende olie in vuur en vlam had gezet. Door de enorme rookontwikkeling en de door de harde wind aangewakkerde vuurzee, was het zicht zeer slecht waardoor een brandweervoertuig gedesoriënteerd raakte, de kade afreed en in de brandende haven belandde. Dit had rampzalige gevolgen voor de zes vrijwillige brandweerlieden die het voertuig bemanden.

Het uitgebrande wrak van de brandweerwagen wordt uit de haven gehesen (foto International Photopress Office)
De brand eist vijf levens

De ernstig verbrande, maar nog in leven zijnde brandweerman Jo Baars werd door zijn collega Leen Maat en een werknemer van een nabijgelegen bedrijf, uit de vlammenzee op de wal getrokken en in veiligheid gebracht, waarna een ambulance Baars met spoed naar het ziekenhuis bracht. De andere vijf vrijwillige brandweerlieden, waaronder de broer van Leen Maat, vond men pas, nadat de brand was geblust. Albert Maat, Herman Westdijk, Piet Batenburg, Piet van Delft en Mar Kok kwamen op gruwelijke wijze om het leven.

Rouwplechtigheid

De vijf brandweerlieden werden opgebaard in de veertien dagen eerder zo feestelijk geopende, nieuwe brandweerkazerne, die nu was ingericht als 'Chapelle Ardente'. Hier vond op 13 februari 1951 ook de uitvaartdienst plaats, die bijgewoond werd door het voltallige college van Burgemeester en Wethouders, de Commissaris der Koningin, vertegenwoordigers van Rijk en Provincie en vele brandweerdeputaties uit binnen- en buitenland. De indrukwekkende rouwstoet op de Westhavenplaats op weg naar Begraafplaats Emaus, 13 februari 1951
Na de indrukwekkende dienst vertrok de rouwstoet onder klokgelui en tromgerommel en onder grote belangstelling van duizenden ontdane en meelevende Vlaardingers, via de havenbrug en de Westhavenplaats naar Begraafplaats Emaus. Hier werden de slachtoffers in een gemeenschappelijk graf ter aarde besteld. Hun collega’s, de leden van de brandweerliedenvereniging ‘Door Oefening Vaardig’, richtten op het graf een monument op ter nagedachtenis en tevens als symbool van de grote lotsverbondenheid in het brandweerkorps.

Bron:  ‘Water en Vuur in Oorlog en Vrede’, L. Maat.

Reacties