Direct naar navigatie

  1. Daktegel

    Daktegel (501 - 1499)

  2. Beker

    Beker (1250 - 1325)

    Proto-steengoed beker op een standvoet en twee ribbels op het lichaam. De beker is volledig van ijzerengobe voorzien.

  3. Mand

    Mand (1250 - 1350)

    Dit nagenoeg complete mandje is gevonden in een mestkuil tijdens de opgraving op ‘Den Engelschen Boomgaert’ in 1998. De kuil was gegraven in het oostelijke deel van een laat 13e-eeuwse kasteelgracht. De mand is gemaakt van in elkaar gevlochten takjes die slechts enkele millimeters dik zijn. Bovenop het mandje lagen eierschalen en visresten, maar die hebben mogelijk niets met het voorwerp te maken. Om het te bewaren voor het nageslacht, is het delicate object na de opgraving geconserveerd met behulp van de vriesdroogmethode.

  4. Pot

    Pot (1250 - 1325)

    Ronde pot met een bijgesneden lensbodem en een korte manchetrand. Op de wand zijn de draairibbels goed zichtbaar. In het Deventer-systeem heeft dit type voorwerp code g-pot-10.

  5. Hoekkeper

    Hoekkeper (501 - 1499)

  6. Hoekkeper

    Hoekkeper (501 - 1499)

  7. Spaanse legerpot

    Spaanse legerpot (1275 - 1350)

    In 1998 vonden archeologen bij de opgraving op 'Den Engelschen Boomgaert' een bronzen grape in een kuil. De kuil was gegraven in de bodem van een kasteelgracht uit de late 13e eeuw. Het voorwerp heeft drie pootjes en twee aangegoten oren. Opvallend is het feit dat de gietprop aan de onderzijde en de verticale gietnaden op de buik nog aanwezig zijn. Normaal werden deze elementen weggezaagd of gevijld voordat het voorwerp aan de klant werd geleverd. De horizontale ribbels op de buik van de grape zijn bewust aangebracht. Het lijkt erop dat de grape praktisch nieuw was toen het in de kuil belandde. De pootjes dragen geen slijtagesporen en vertonen zelfs nog enkele bramen. Ook de twee haakse oren zijn niet versleten. Aan de onderkant van de pot zitten roetresten, die toch wijzen op gebruik. In de middeleeuwen sprak men gewoon van een koperen pot. De term 'grape' werd in Nederland niet gebruikt voor bronzen vaatwerk. Tegenwoordig staat dit type bekend als een Spaanse legerpot. De naam verwijst niet naar de plaats waar het voorwerp werd gemaakt, maar wel naar het symbool van het 'Onzet van Leiden'. Brons was in de middeleeuwen een kostbaar goed. Zelfs als een bronzen voorwerp niet meer gebruikt kon worden, had het een hoge waarde. Het kon immers opnieuw gesmolten worden en zo dienen als grondstof voor nieuwe producten. Een bronzen pot zou dus niet zomaar weggegooid worden en dat gaat zeker op voor een exemplaar dat blijkbaar weinig gebruikt is. Hoe is deze Spaanse legerpot dan in de kuil op 'Den Engelschen Boomgaert' beland? Sommige onderzoekers denken dat de pot daar bewust verstopt is tijdens een belegering van het kasteel in de 14e eeuw. Andere onderzoekers denken dat de pot als een soort offer in de kuil is geplaatst. Wat de echte oorzaak is, weten we niet.

  8. Glis

    Glis (501 - 1499)

    Fragment van een glis, dat gemaakt is van een middenvoetsbeen (metatarsus) van een paard.

  9. Daktegel

    Daktegel (501 - 1499)

  10. Kan van proto-steengoed

    Kan van proto-steengoed (1200 - 1325)

    Proto-steengoed kan met een kraagrand, aan de buitenkant volledig voorzien van een ijzerengobe. In het Deventer-systeem heeft dit type voorwerp code s5-kan-3.