Direct naar navigatie

  1. Pot van grijs aardewerk

    Pot van grijs aardewerk (1200 - 1350)

  2. Messchede

    Messchede (1050 - 1499)

    Fragment van een messchede opgegraven tijdens het onderzoek aan de Dijksteeg in 1997. Naast dit exemplaar vonden archeologen stukjes van nog twee gelijkaardige voorwerpen. Het gaat om de oudste messchedes die de archeologen vonden op deze locatie. Dit type is onversierd en heeft metalen knopjes langs de zijkant. De knopjes van deze messchede zijn niet meer aanwezig, maar de gaatjes waarin ze gezeten hebben en de afdrukken van de knopjes zijn nog wel duidelijk zichtbaar. De onderzijde van het voorwerp ontbreekt, waardoor de oorspronkelijke vorm niet bekend is.

  3. Fragment van een hoge knielaars

    Fragment van een hoge knielaars (1050 - 1499)

    Dit stuk leer is gevonden tijdens de opgraving aan de Dijksteeg in 1997. Het gaat om een deel van een hoge knielaars. Het is best bijzonder dat archeologen dit type laars hebben gevonden, want het bovenleer werd vroeger vaak hergebruikt. De onderzoekers vonden uiteindelijk 3 exemplaren van dit type.

  4. Messchede

    Messchede (501 - 1499)

    Deze messchede is gevonden in een mestlaag tijdens de opgraving op de locatie Dijksteeg in 1997. De vorm van de messchede is asymmetrisch en loopt naar de onderkant enigszins spits toe. Het voorwerp bestaat uit verschillende stukken leer die ooit aan elkaar genaaid waren. Ongeveer vijf centimeter onder de rand zijn de naaisporen zichtbaar. Tot zeven centimeter onder de punt komen de naaigaatjes steeds in paren voor. Verder naar het einde toe gaat het om afzonderlijke gaatjes op regelmatige afstand van elkaar. Een deel van de bovenkant van het voorwerp ontbreekt. In het kleine stukje van de bovenzijde dat wel bewaard is gebleven, zijn drie gaatjes zichtbaar. Hiermee kon de messchede aan een riem bevestigd worden.

  5. Pateen

    Pateen (1100 - 1199)

    Deze hostieschotel (pateen) is samen met een miskelk aangetroffen in het graf van de geestelijke Thidbaldus. Hij was de hofkapelaan van graaf Dirk VI en is na zijn dood in het koor van de Grote Kerk bijgezet. Tijdens het archeologisch onderzoek in 1967 is zijn sarcofaag gevonden.

  6. Miskelk

    Miskelk (1100 - 1199)

    Deze miskelk werd samen met een pateen (hostieschotel) aangetroffen in een zandstenen sarcofaag tijdens de opgraving van 1967. Deze grafgiten werden alleen meegegeven met priesters. In dit geval gaat het vermoedelijk om het graf van de hofkapelaan van graaf Dirk VI, de geestelijke Thidbaldus.

  7. Boomstamkist

    Boomstamkist (1000 - 1050)

    Net voor het einde van de opgraving op 'Gat in de Markt' is een boomstamkistgraf aan het licht gekomen. De kist is integraal gelicht, en vervolgens buiten het veld geopend, geprepareerd en geconserveerd. De kist is gemaakt de stam van een eikenboom, waarbij het brede, onderste gedeelte van de stam als hoofdeinde van de kist dient, en het smallere deel van de stam, meer naar de boomkruin, dient als voeteneinde. De kist is 2,05 m lang en varieert in breedte van 38 cm bij het voeteneinde, tot 60 cm bij het hoofdeinde. De boomstam is overlangs gespleten, en vervolgens zijn zowel de deksel als het kistgedeelte uitgehold. De uitgeholde binnenkant van de kist lijkt met zorg afgewerkt te zijn. Het oppervlak is gladgemaakt, opéén plek bij het voeteneinde na, waar zich een knoest bevindt, die een gladde afwerking mogelijk verhinderd heeft. Om de knoest heen zijn duidelijke gutssporen te zien. Ook de buitenzijde van de kist is glad afgewerkt. De boomstam heeft aan de buitenzijde enigszins de vorm van een kist gekregen, de bodem is vlak gemaakt en de wanden zijn zo bijgevormd dat ze redelijk recht naar beneden lopen en op sommige plaatsen een redelijk scherpe hoek met de bodem vormen.

  8. Fragment van Vikingschip

    Fragment van Vikingschip (1000 - 1050)

    Deze plank is gevonden in een grafkuil tijdens de opgraving 'Gat in de Markt. De plank is samengesteld uit twee delen, onderling verbonden met een schuine las van ongeveer 8 cm. Op het kleinste van de twee plankdelen is een reparatieplankje te zien dat bij de las tegen het einde van de andere plank sluit. De plankdelen zijn op de las met drie klinknagels aan elkaar bevestigd. Op de achterkant van het kleinste plankdeel is nog een klinkplaatje te zien, dat aangeeft dat dit stuk aan de binnenzijde van een schip zat. Het breeuwsel tussen de twee delen is gemaakt van schapenhaar. De plank is zonder twijfel afkomstig van een vaartuig uit de Viking-scheepsbouwtraditie. Dendrochronologisch onderzoek leverde een datering op van na 967 AD ± 6. De curve komt overeen met de kalenders EU 1 en SH. Dit zijn kalenders van eikenhout uit Nederland, Noordwest-Duitsland en Sleeswijk Holstein. Hierdoor weten we dat het schip waarvan deze plank afkomstig is, gebouwd is in het noordwestelijke vasteland van Europa, het oude Frisia.

  9. Grafkist van een kind

    Grafkist van een kind (1000 - 1050)

    Grafkist van een 2-3 jarig kind, gevonden tijdens de opgraving op de locatie 'Gat in de Markt'. De kist is met inhoud en al geconserveerd, waardoor de bodemlatjes niet duidelijk zichtbaar zijn. Het skelet was omgeven door riet.

  10. Grafkist van een 8-jarig kind

    Grafkist van een 8-jarig kind (1000 - 1050)

    In deze kist is in het begin van de 11e-eeuw een 8-jarig kind begraven. De zeer gave en netjes afgewerkte kist is gevonden tijdens de opgraving op de locatie 'Gat in de Markt'. De kist is met inhoud en al gelicht en geconserveerd. Een deel van het hout is hergebruikt en één van de lange planken bestaat uit een hergebruikt bouwhout met messing-en-groef verbinding. Dit is het enige graf waarin sporen van textiel zijn waargenomen in de vorm van tot ‘modder’ vergaan (linnen?) weefsel op de zijplank van de kist. Door de botanische monsters die genomen zijn uit de stengellaag in de kist, weten we nu ook welke gewassen er ondere andere rond Vlaardingen verbouwd werden in het begin van de 11e eeuw. In de kist is namelijk haver (Avena sativa) en gerst (Hordeum vulgare) gevonden.